GreenArtSpot Dalen

Observatorium 

De eerste GreenArtSpot is verzorgd door kunstenaarsgroep Observatorium. Observatorium staat voor een samenwerkingsverband van drie kunstenaars; Geert van de Camp, Andre Dekker en Ruud Reutelingsperger. Sinds 1997 wijden zij zich aan de verbindingen tussen kunst, landschap en maatschappij. Zij willen sculptuur maken, die als een gemeenschappelijk goed aanvaard worden, die voor genius loci zorgt en die gebruikt wordt.

Geluidswallen, stadsparken, gevangenissen, kolenbergen, stations, nieuwbouwwijken, snelwegen en industrieel erfgoed maken deel uit van het werkterrein van Observatorium. Dit unieke samenwerkingsverband van drie kunstenaars heeft een filosofie en een werkwijze ontwikkeld die de schemergebieden en raakvlakken van de disciplines stedenbouw, landschapsarchitectuur, architectuur en beeldende kunst productief maakt. Observatorium maakt geen autonome kunst in de openbare ruimte, maar gebruikt de middelen van de sculptuur en de installatie om functionele voorzieningen te maken die monumentaal, symbolisch en betekenisvol zijn.

http://www.observatorium.org

In 2013 - 2014 heeft Natuurkunst Drenthe de eerste GreenArtSpot ontwikkeld en gerealiseerd. In samenwerking met de Gemeente Coevorden is een locatie gezocht en gevonden nabij het dorp Dalen. Deze locatie heeft verschillende interessante kernwaarden die als uitgangspunt dienen voor een GreenArtSpot. De internationaal werkende Kunstenaargroep Observatorium uit Rotterdam heeft de opdracht gekregen om deze eerste GreenArtSpot te ontwikkelen.

Van 28 mei tot en met 31 mei is er een ‘verkennersweek’ door Young Observatorium (drie jonge kunstenaars) uitgevoerd. Zij hebben vanuit de Artist Residence Dalen, van de familie Sanders-ten Holte hun onderzoek op locatie uitgevoerd. De eerste voorstudies hebben 'Plattelandsplein' als werktitel gekregen. Met de resultaten van de verkennersweek zijn de kunstenaars vervolgens in het Rotterdamse atelier gaan werken aan een definitief ontwerp voor de GreenArtSpot Dalen. Half juli is het definitieve ontwerp gepresenteerd. Dit ontwerp is in het najaar uitgewerkt naar een werkplan en vervolgens in de werkplaats voorbereid tot plaatsing. In het voorjaar van 2014 is het kunstwerk  geplaatst.

De locatie 

Tussen het dorp en het recreatiegebied Plopsaland/Huttenheugte is een wandel- en fietsroute gerealiseerd die een verbinding maakt tussen deze twee. Het gebied ligt op de scheiding van zand- en veengronden en heeft grotendeels een traditioneel agrarische bestemming. Hier ontstaat de nieuwe agrarische economie met grote megaboerderijen en een vernieuwde toeristische economie van Plopsaland en Huttenheugte. Het dorp Dalen ligt daar rustiek tegenaan. Dalen is een hecht dorp dat gericht is op toerisme en recreatie in een agrarische plattelandsomgeving.

De locatie ligt in een weilandengebied langs een brede sloot en het oude Drostendiep. Hierlangs loopt een voet-/fietspad. Het gebied is ook de scheiding tussen zand en veen. Vanaf het dorp Dalen gezien gaat een oud coulissenlandschap met veel oude eikenwallen over in een verkaveld landschap. Dit gebied (de zgn. madelanden) zijn in de zestiger jaren verkaveld en ontwaterd. Aan de rand van dit eerste deel van het verkavelde land ligt het Drostendiep. Deze is recent herontwikkeld.

Het ontwerp

Het plein is een sculptuur. Het plattelandsplein is niet de vormgeving van het totale beschikbare oppervlak, maar een plein op het knooppunt. Drie driehoekige houten geraamtes van imaginaire gebouwen omsluiten een driehoekige halfverharde ruimte, die de illusie van een pleintje biedt en allerhand zit- en observatiemogelijkheden biedt.
De drie skeletten symboliseren drie Drenthse typologieën van bebouwing, die men in de omgeving aantreft: hallenhuisboerderij, vakantiewoning en industriehal (voor industrie én voor recreatie).
Het thema “van klein agrarisch naar groot agrarisch en van klein toerisme naar groot toerisme” is duidelijk afleesbaar in de vorm en vormgrootte van de geraamtes.
Telkens twee zijden van een geraamte vormen één facade van de respectievelijke typologie, geleed met deuren en vensters in de muur; de derde zijde is geheel open. Je ziet het gebouw in het beeld, maar ook het landschap in een kader.

Het bestaande halfverharde pad verbreedt zich tussen de drie gebouwen tot een driehoekig plein, dat uitnodigt uit tot zitten, observeren, oriënteren en gezien worden. De beschutting is deels schijn, deels reëel. De ligging van de drie gebouwen suggereert voor de autobilist een boerderij met bijgebouwen op een aannemelijke lokatie. Een nieuwe routing van het fiets/wandelpad zorgt ervoor dat in het midden en op de grens van de doorgaande weg een driehoekige plek onstaat waarop 'het plein in het knooppunt' ligt, waar je 'de drift kan observeren'. Een 'drift' is de weg waarover de kudde naar het weiland bracht, de kudde zelf werd ook wel eens 'drift' genoemd. De drift, dat is in onze huidige tijd: de kudden fietsers, toeristen, automobilisten, etc. Vandaar de keuze voor de titel: driftplein.

Driftplein is een samenstel van paradoxen: een 'binnenbuiten' een 'plein op een knooppunt', een 'tekening als zitmeubel'. De tegenstrijdigheid van de term plattelandsplein is gebruikt om met sculptuur een open omslotenheid te creëren. Er is een intrigerende mengeling van attractie, suggestie en verpozing ontstaan. Bij behoefte zou men aan dit plein kunnen voortbouwen, wellcht dient zich ooit een ecomische activiteit aan….